Vorig jaar kregen we met Pasen een heerlijke
taart van de kerkgemeenschap tegenover ons.
Jammer genoeg is het geen jaarlijkse traditie (want wat was hij lekker).
Daarom heb ik gisteren een poging gedaan deze taart na te maken.
Ik zal alvast verklappen; het eindresultaat is niet precies wat ik ervan hoopte.
Maar; hij is wel erg lekker. Hij heeft zeker potentie!
Daarom hieronder het recept.
Als ik de smaak virtueel over zou moeten brengen zou ik zeggen;
lange vingers, gedoopt in een frisse sinaasappelpudding.
Niet schlecht!
***
Biscuit
(uit; 'Ons Bakboek' van de KVLV Keuven, 1990, Standaard Uitgeverij)
4 eieren
150 gr. suiker
snufje zout
4 eetlepels heet water
100 gr. bloem
50 gr. maizena
Dit wordt de bodem van je taart.
Verwarm je oven voor op 180 graden.
Beboter een bakvorm van 24/26 cm. doorsnede (ik heb een vierkante springvorm gebruikt)
Splits de eieren. Klop de eiwitten stijf met een snufje zout (zorg voor schone gardes/kom!)
Klop de eierdooiers luchtig op met de suiker en het hete water (lang mixen!)
Het dooiermengsel komt er ongeveer zo uit te zien:

Voeg de bloem/maizena (gezeefd) en de stijfgeklopte eiwitten bij het dooiermengsel.
Spatel het geheel rustig door. Niet te lang, het moet lekker luchtig blijven.
Stort het mengsel in je bakvorm.
Bak het biscuit ca. 25 minuten in je oven.
Het is niet de bedoeling dat het té bruin wordt.
Een licht kleurtje is voldoende en de randen moeten wat los gaan laten
aan de zijkanten van je bakvorm. Zoiets:
Laat je biscuit, na het verstrijken van de baktijd, 10 minuten in de oven staan.
Sinaasappel-banketbakkersroom
1 vanillestokje
1 zakje vanillesuiker
150 gr. suiker
300 ml. sinaasappelsap
200 ml. melk
4 eidooiers
4 eetlepels bloem
Halveer het vanillestokje in de lengte en schraap het merg eruit.
Breng in een pan de melk, het sinaasappelsap, de vanille, de vanillesuiker en de helft van de gewone suiker aan de kook.
Mix in een kom de eidooiers los met de resterende suiker.
Roer de bloem er beetje bij beetje door.
Voeg hier wat van het warme sinaasappelsap-mengsel bij.
Goed mengen. Je mag geen klontjes zien.
Giet vervolgens dit mengsel terug in de pan en kook het geheel even door.
Hoe langer je het mengsel laat koken, des te dikker je pudding zal worden.
Maar; bij het afkoelen van je pudding wordt deze ook steeds dikker.
Stort de pudding in een schaal om af te laten koelen en dek de pudding (om een velletje te voorkomen) af met een stuk plastic folie.
Als je pudding volledig is afgekoeld en de juiste dikte heeft, kun je je pudding op je biscuit storten.
Klaar!
***
Wat zou ik de volgende keer anders doen?
- de pudding wat langer door laten koken;
- eventueel het biscuit overdwars doorsnijden en bestrijken met een laagje aardbeienjam;
- taart versieren met wat vers fruit en (eventueel) slagroom.
Alhoewel hij er nu een beetje saai uitziet, is hij wel erg lekker :-)
Tja... En toen bleven er 4 eiwitten over.
Die gooien we natuurlijk niet weg!
Je kunt ze invriezen.
Of er merengue schuim van maken. Een goed idee, maar bij mij mislukt...
Voor kleine schuimpjes had ik teveel eiwit. Dus ik heb er maar 2 grote plakkaten van gemaakt.
Zou niet uit mogen maken, toch? En het ziet er best leuk uit, deze merengue-zee!
Maar ondanks 2 uur oven en lang afkoelen, bleef het gedeeltelijk een zachte derrie.
En-héél-erg-kleverig-laat-LOS!
En ik vind dit toch echt te zoet.
Geen merengue schuim voor mij deze Pasen :-)) ERROR :-))
Over trials gesproken; gisteren schreef ik in het zonnetje mijn eerste
tanka.
De dichte knoppen van onze dotterbloemen zijn een prachtige achtergrond voor deze tanka, maar ik hoop wel dat jullie de tekst kunnen lezen. De resolutie van Blogger is niet geweldig.
Helaas hier nu geen zonnetje. Althans; hij zit ver,ver weg verstopt achter een grijs wolkendek.
Hopelijk verandert dat vandaag nog!
Lieve groetjes,
Sandra